dinsdag 31 januari 2017

De dilatant

Dilatant!  Nee, geen spelfout! Dilettant is kort gezegd een liefhebber van kunstuitingen. Ik heb daar wel wat mee. Een dilatant bestaat niet. Maar na dit relaas wel natuurlijk. Dilateren bestaat wel. En dat weet ik sinds mijn laatste blog. Die van die korte caleidoscopische ketamine-kuur. Dilateren is wel een werkwoord, maar dilatant is geen zelfstandig naamwoord. Hoe is dat mogelijk. Ik dilateer meer. Meer dan me lief is. Ik heb daar wel wat mee!

Gaat wel goed met je hé Henk? Elke maand een jamsessie, elke week een schilderij en elke dag een foto van iets lekkers, iets leuks, iets on-/interessants. Bezig met de bands van zoonlief, met een whiskyproeverij, een eigen expositie. Mijn God, wat heb ik niet gedaan het laatste half jaar. 5 tot 6 keer in de week naar de sportschool. Voor het lichamelijk welzijn. Gewoon nodig ook. Want van de onvrede blijf ik toch vreten. En er vreet nog genoeg aan me, geloof me. Ik wil wel, maar het gaat nog niet zoals ik wil. Mag dat? Ja. Vertel ik dat aan iedereen? Nee! Is het leuk om te vertellen? Nee en ja, toch ook weer wel. 

Zoals die keer dat ik moest leren dilateren. Ja, het is wel een werkwoord. En het is lastig werken! Na de constatering dat het wondgebied langzaam dichtgroeit kwam ik terecht bij Milou. Milou weet alles van plassers. Dat is wel handig als je je zaakje aan de medische wetenschap hebt overgelaten. Een inventariserend gesprekje met een kundige en leuke vrouw over je intieme handvat? Wie wil dat nou niet? Dan zit je daar, ongemakkelijk en toch een beetje stoer. Zij legt uit wat mogelijk is. Oprekken! Tijdelijk, een paar maanden, een paar jaar, levenslang. maatje 16, of 18, of  24, dat kan ook. Ik voel me al een beetje week worden. Hoe dat gaat? Zullen we dan maar even gaan oefenen. Eerst droog, net als een stewardes de zuurstofkap demonstreert. Een plastic hoesje van 45 centimeters lang met een knijphoesje vocht aan het einde. Het windt me nog niet echt op. U knijpt hier straks in en het vocht komt los. Dat brengt wat makkelijker in. Ze leidt me naar de toiletruimte. Het gaat nu om het echie. Even goed wassen. Het zaakje moet echt schoon zijn! Ik sta boven de wastafel, broek op de enkels. Gênante vertoning. Ik kijk in de spiegel. Milou schuin achter mij. Zegt ze zeer beslist 'trekt u de penis maar'. Even begrijp ik niet wat ze bedoelt. Ik mis 'aan' en de zin loopt niet lekker. Gehoorzaam trek ik toch de penis. Recht vooruit, want bochten zijn niet handig. Ik moet een haakse nemen en die zorgt voor weerstand genoeg. De overgang van plasbuis naar de schuin bovenliggende blaas. Links strekken, rechts inbrengen. Slangetje van een centimeter of  40. Al 58 jaar laat ik het vrijuit lopen, mijn lichaam uit. Nu moet ik er tegen in. Met een voorwerp. Zelf doen. Alles wat er toe nu toe werd ingebracht was medische noodzaak. En uitgevoerd door vaardige verpleegsters. Maar nu zelf doen! Hoppa, ik ben opeens besluitvaardig en schuif het hele eind mijn lijf in. Tot het oranje dopje.  En ja, het werkt. Ik mik ruim voorbij de toiletpot. Dat geeft niet zegt ze nog.  

Dat is drie maanden geleden nu. Nog steeds groeit de zaak dicht, langzaam maar zeker. Het dilateren is geen hobby geworden, ik kijk er niet naar uit. Hoewel ik begrijp dat er mannen zijn die dit een fetisj vinden. Ik sta soms dagelijks de afweging te maken, zal ik, of zal ik niet? Liefst stel ik het hoogtepunt uit. Maar dan vernauwt het te snel. Wijder maken betekent ook irritatie van het weefsel, dus weer vernauwing. Snap je het nog? Ik zo langzamerhand wel en ik vind mijn weg er wel mee. 

En nu we het toch over mijn vriend hebben. Een radicale prostatectomie kan gevolgen hebben voor zijn verheven status. Een receptje was snel geregeld. Vol goede moed stap ik de dorpsapotheek in. Zal ik eens heel stoer vragen naar het pretpakket dat voor mij klaar ligt? Er staan te veel bekenden om me heen. Loopt iedereen pillen te verorberen? Deprimerende wereld. Dat zal het zijn. Ik lach, want ik wordt apart genomen. In een kamertje. Het meisje van de apotheek stelt droog vast dat het de eerste keer is. Ze verpakt het dus anoniem. Kan ik er mee over straat, hoeft niemand het te weten. Mij kan het niet schelen. Prettige vooruitzichten moet je niet wegstoppen. Ze vertelt ook nog omfloerst dat het voor eigen rekening is. En dat het een herhaalrecept betreft. Graag ja. En kent u de bijverschijnselen? Innemen met water, ongeveer uurtje van tevoren. Dan werkt het! U krijgt wel wat hoofdpijn en rode blosjes op de wangen. Verdomme, ook dit blijft dus weer niet onopgemerkt. Ik loop stoer naar huis, het is dinsdag. Bekijk het recept nog een keer goed. 4 pillen, 30 euro, dus in onze frequentie best betaalbaar. Doe maar een tientje op het nachtkastje schat. Of een handeltje beginnen? Dat zit er ook niet in. Voor dit hele jaar zijn er maar liefst 52 pilletjes voorgeschreven. Die heb ik zelf keihard nodig. En maandelijks per 4 af te halen. Ze zien me bij de apotheek graag komen. Verder zie je niks komen, hard en droog is het nu . 

Ik doe er luchtig over, maar doet het wat met mij? Ja, natuurlijk. De seks is het probleem niet. Ans en ik kunnen net als altijd van elkaar genieten. Maar dat gezeik! Thuis de dilatant zijn is nog wel te doen. Maar onderweg is het een ander verhaal. Zit je opeens verstopt op een drukke Pllek in Amsterdam, of in de auto op weg naar een concert, of tijdens een kunstmarkt, op de fitness of waar dan ook. De 'penis trekken' op een smerig toilet, mij niet gezien! 

De kanker is weg, ik heb er wat anders voor terug. Ik somber wat af soms, over werk en woning. Wat brengt de toekomst ons? Plannen komen op en zakken weer weg. Ik blijf soms kunstmatig optimistisch, doe veel leuke dingen, etaleer mezelf teveel op de sociale media. Masker? Soms wel. Stappen nemen? Zeker wel. Ben nu 'therapeutisch' aan het werk bij mijn broer en bij een vriend met pensioenadviesbureau. Dat pensioendiploma heb ik niet voor niets gehaald vorig jaar maart. 

Tot die tijd? Noem ik mij een dilettant. Je weet wel, die liefhebber van kunstuitingen. Muziek, een mooie avond op 11 mei, de Tribute Night, de bands van Sven, de maandelijkse jamsessions. Fotografie, af en toe op pad met Albert, 'anders' fotograferen! Schilderen, een eigen expositie dit komende weekend, 20 eigen werken! Een whiskyproeverij met Bretonse inslag, mijn inslag. Nils die in april gaat afstuderen, hij bedenkt en maakt mooie dingen! En Ans verwennen, zoveel mogelijk. Zij is mijn muze sinds 1979! Ze is het mooiste kunstwerk! 









maandag 17 oktober 2016

Saai!

In Imperia, leuk stadje aan de bloemenriviera, kocht ik ooit een luchtballon. Een hele grote. Voor mijn nichtje. Toen nog een beginnende tiener. Kocht de ballon van een straatverkoper die zelf zijn ballonnen had opgeblazen tot enorme proporties. Wel een meter in doorsnee en ogenschijnlijk heel sterk. Hij deed er kunstjes mee, stuiteren op straat en samenknijpen. Wachten tot ze knappen, maar dat deden ze niet. Die wil ik ook. Uit zuinigheid kochten we er maar één. Een hele mooie rode. Bij het vakantiethuis de luchtbedpomp er op. Blazen, blazen, blazen. Hij werd lekker groot en na 30 cm al verdacht roze. Maar het moest een meter worden, dus doorpompen. We hebben het nooit na kunnen meten, maar bij 40 centimeter kwam de knal. Oorverdovend, dat is dan weer wél lekker. Mijn nichtje is er nooit meer overheen gekomen en die ballonnenkunstenmaker hebben we nooit meer gezien. Onherstelbare schade dus. Daar moest ik gisteren even aan denken toen Ans zei dat het met mij nooit saai is.

Dat zei ze net nadat was voorkomen dat mijn eigen blaas knapte. Ik ga nu even terug om die saaie momenten op een rijtje te krijgen. Kon wel eens een lang blog worden.

In 2003 piste ik opeens bloed. Mijn eerste kennismaking met een cystoscopie. Je kan het wikipedien, maar het is een cameraonderzoek via de penis, wel verdoofd en met glijmiddel. Onderzoek op onderzoek volgde en ik begon het bijna lekker te vinden. Uiteindelijk was er niets aan de hand. Maar weken later zat ik wel opeens met een vingerdikke bloedprop in de plassert. Pijnlijk en nog veel pijnlijker er uit gespoeld door een kordate uroloog. Ik lag tussen Kerst en Oud en Nieuw op de afdeling Gynaecologie. Met drie dames van dik boven de 80. Wat die daar moesten? Heb het ze maar niet gevraagd. Iets met klachten tijdens de bevruchting?  Maar kennelijk wond het mij wel op want ik werd elke ochtend wakker. Met de overbekende odol. Ja dames, een odol. Niet erg, maar wel als je de slang van de katheter er fier uit omhoog voelt steken. Geen pretje. en nog eens versterkt door de schaamte naar de oude besjes. Gelukkig kwam daar de ouderling die uit volle borst psalmen begon te galmen. Waarop er een oude verwarde baas naar binnen liep. Op zijn pantoffels, slang uit zijn pyamabroek en een zak pis achter hem aanslepend. Ik moet hier weg, dit wil ik nooit meer. De genezing verliep voorspoedig en nooit meer last gehad. Saai hoor.

Een simpele kijkoperatie. Meniscusje, kraakbeen beetje scheren, twee kleine gaatjes. Knelverbandje aangelegd en naar huis. In pyama op de hagelnieuwe bank. Beentjes omhoog. Kussentje er onder. Lekker voetballen kijken. Schat, kun jij mijn kussen even verleggen? Tuurlijuk schat. He wat is dat nat. En warm. En rood!  Ik ga staan. Het bloed sijpelt onder het knelverband vandaan. Ziekenhuis gebeld en de auto in. Ook hagelnieuw. Vuilniszak onder mijn been. Mijn warmbloedigheid golfde al snel over mijn voeten. Bij de spoedeisenhulp aangekomen. Een spoor van bloed achter mij aan sproeiend. Gaat u daar maar even zitten. Ik dacht daar heel anders over. Tenslotte bloedde ik niet al te langzaam leeg. Ik wees haar op het bloedbad en al ras kwamen de mannen met de witte jassen. Knelverband opengeknipt en ja hoor. De verpleger triomfantelijk; we hebben een spuitertje! Wel een halve meter hoog en met een intense regelmaat. Kordaat werd een hechting gezet, nee twee hechtingen. Dat is wat een man wil. Saai? Ach.

Dat met dat kraakbeen was niet voldoende. Knie versleten. Meneer, we gaan een standbeencorrectie doen. Een wat? Ja, we zagen uw been bijna geheel door. Zeg maar een wigje er uit zagen. Hij zei het echt met pretoogjes. Ook nu was ik snel overtuigd van het nut en tot de dag van vandaag heeft het geholpen. Een week na de operatie meende ik gewoon op mijn krukken een dansje te kunnen maken. Had ik niet moeten doen. Pijnlijke revalidatie was het gevolg. Maar wel na 6 weken triomfantelijk bij de orthopeed binnen stappen. War een ander begint met revalideren was ik klaar. Maar ooit moeten die pennen er weer uit. Was het tot nu toe saai, daarna niet meer.
De dag voor de operatie naar AJAX-Roda JC. Met relaties uit Limburg. Saaie wedstrijd. Het was winters koud. Na de wedstrijd glijd ik van de trap. Beide voeten los van de vloer. Ik landt op mijn heup en op mijn ruggewervel. Hou me groot. Doe net of er niets is gebeurd. Dat was het wel. Volgende dag gewoon de operatie uit laten voeren. Ruggeprik precies boven de pijnlijke wervel. Wat heeft u daar? Niets, gewoon prikken graag. Een weldadige rust gleed over mijn onderlijf. Gemoedelijk keuvelend met de orthopeed. Schuine bak er bij en wat trumpiaanse grootspraak. Knelverband er om en huiswaarts. Languit op de bank. Schat, ik denk dat ik weer bloed verlies. Ja hoor, niet zo snel, niet zo veel, maar wel een leuk stroompje. Zo tussen de beenhaartjes doorkronkelend. Naar spoedeisende hulp. Mannen in witte jassen. Knelverbandje weg en een ballon van rood bloed onder de 14 verse hechtingen. Die rekten al aardig op en de wond begon lichtje te gapen. We gaan u weer opereren. Nee joh, niet nodig. Dat is zo'n gedoe. Oke, dan het alternatief. We drukken het bloed er uit en knellen de wonden stevig dicht. Nu wel. Dat bloed er uit persen gaat als volgt. Je legt je vers herstelde doorgezaagde been op de behandeltafel. En de witte was drukt uit alle macht je been door die tafel. Het bloed spuit in de rondte. Brillen zitten onder en die witte jassen? Kijk eens bij de kiloknaller zal ik maar zeggen. Saai? Welnee.

Het wordt een paar jaar rustig. De tijd vliegt en ik voel me kerngezond. Tot mijn eerste blog. Die van 'gaat u maar even zitten'. Vanaf maart tot 9 september lekker in die achtbaan gezeten. Maar het bericht 'genezen!' kon ik wel uitschreeuwen. Heb ik ook gedaan. Met de kanttekening van wat ongemakken. Die er bij horen. Odollen is er even niet bij en plassen is een hoop gezeik geworden. Ging het in het begin heel goed, langzaam sloop er iets in. Een blaasontsteking, veel opstaan in de nacht. Steeds vaker. Irritant vaak. Zit je in de voorbereiding van Airport Blues, moet je steeds weglopen. Kleine beetjes. Zit je bij je eigen jamsessie, moet je steeds weglopen, nog kleinere beetjes. Ben je bij de finale van de Dutch Blues Challenge, moet je heel vaak weglopen. Hele kleine beetjes. Zoonlief wel zien schitteren, net als de hele band. Blues Dog & Friends. Onthouden hoor. Naar huis rijden lukt nog net. Droog overkomen zeg maar. Maar 3 kwartier wordt een half uur. Dat wordt een kwartier. En dan wordt het echt lastig. Aandrang is vreselijk en stoppen is de enige remedie. Portier open, naast je wagen gaan staan. Net doen of je wat zoekt en de verlossende ontspanning vinden door wat te druppelen naast de auto. Gewoon in de parkeergarage of het marktterrein. Wildplassen? Geen sprake van! Medische noodzaak en wilder dan wat druppeltjes die loodrecht naar beneden dwarrelen wordt het niet. Maar wat als het 5 minuten wordt? Dan kun je niet meer van huis. Zover was het afgelopen week. Nog wel even naar de autosloperij. Bij elke foto moet je je een nat plekje op de vloeistofdichte bestrating voorstellen. Een poedelplasje, meer niet. Vrijdag belandde ik op de spoedeisende hulp. De blaas was vol en bleef vol. We kunnen 2 dingen doen; een katheter plaatsen of een pilletje. Doe die pil maar. En verkeerde keuze. Ik wilde 's avonds nog naar het Bluescafé in Apeldoorn. De honden keerden daar grommend en blaffend terug. Daar moest ik bij zijn. Het ging niet. Een goede keuze. Vrijdag werd zaterdag. Indonesische maaltijd bij mijn maatje. Biertje er bij, Veel drinken, doorspoelen, dan komt het wel los. Het ging niet fijn, dat drinken niet, alles niet. Naar huis, de aandrang werd heftiger, regelmatiger, pijnlijk. Om de 5 minuten, 4 minuten, korter nog. Niet meer naar bed, gewoon ijsberen, het warme bad vol laten lopen. Ontspanning zoeken. Als je pijn krijgt moet je bellen. Om half 7 de spoedeisende hulp gebeld. Kunt u zelf komen? Ja hoor. Ans rijd mij. Het kan niet snel genoeg gaan. Rode verkeerslichten? Het zal wel. Maximum snelheid, dat wel. ietsje te hard misschien. Buik als een ballon. Ja die had ik al, maar nu niet uitgezakt, maar fier vooruit priemend. Aanraken? Niet doen, dan knapt ie. Ik kon meteen doorlopen. De verpleegkundigden leefden met me mee. Meteen een bedje op, broek naar beneden en die katheter er in. Ondanks verwoede pogingen kregen ze de slang niet in de slappe hap. Er zit iets voor. We gaan de uroloog bellen. Zondagochtend. Stel je voor. De ballon werd harder en harder. De uroloog deed zijn best en was er rond 8 uur. Kordaat kereltje. Hij stelde zich voor en ramde er een verdoving in. In de pisbuis. Keihard. Moet even. Ik snap dat. Na wat pijnlijk poerwerk stuitte hij ook op de hindernis. Meneer, ik ga u opereren. Dat doen we zonder verdoving. Kan niet anders. Ik had het koud, intens koud. Ik knapte en wist me geen raad. Gelukkig liep er door het gepruts wel wat langs mijn dijen. Het luchtte maar heel weinig op. Genoeg om op de OK weer kwasi grappig te zijn, door de pijn heen. Beentjes in de beugels, zaakje schoongemaakt, uroloog, twee ranke operatieassistentes. Nog iemand en een verdover. We gaan beginnen! Als het niet meer gaat zegt u het! Ik heb niets gezegd. Vuisten gebald, kaken op elkaar en de golvende pijnen op het ritme van het doorsteken van de leiding. Ik kon het opvangen. Ik heb nergens om gevraagd. Ik kom bij, rood, groen en blauw licht,. RGB dus. Dansend licht, vrolijke mensen, knappe zusters, twee urologen met baard en vent met een groen mutsje op die me welkom heet, het is feest, iedereen lijkt vrolijk en ik begin spontaan te zingen. Ik hoor mezelf in een kaleidoscopische wolk van licht. Hi Pippi langkous van je ....  Gelach, Zingt u wel vaker. Ik begin euforisch op te scheppen over  fun aan het water, over een blueshond, over mijn jongens en mijn knappe vrouw. Zonder beledigend te zijn zeg ik oog gewoon dat ze veel knapper is dan de zustertjes hier. Ik ben blij, ik ben gelukkig. Langzaam wordt het zicht beter en en komt het geluid niet meer uit de verte, mensen zie ik niet meer dubbel. De lachende verdover staat naast me. Wat heb je mij dan gegeven? Dat wil ik ook. Ondanks dat ik geen verleden heb met geestverruimende grassen en pillen. Maar dit is mooi spul. Ketamine meneer. Iets voor paarden. Sterk spul he! Saai was het niet, zeker niet! De ballon was niet oorverdovend geklapt!

vrijdag 30 september 2016

We zijn er bijna.

Er mag een nieuw verhaal in de knapzak. Geen zeikverhaal. Dat beloof ik. Maar eerst nog even het hoofdstuk 'prostaat' afsluiten. Het is allemaal veel gunstiger afgelopen dan ik de vorige keer vertelde. Net als anders luisterde ik niet goed. Of dreunden de verkeerde woorden teveel door. Het ging om een positief negatief snijvlak. Dat is nog eens een fijne combinatie van tegenstellingen om goed te begrijpen. Maar op 9 september is het me haarfijn uitgelegd.  Komt er op neer dat ik nu genezen ben van de prostaatkanker.  Dat is heel fijn. Fysiek zijn er nog wel wat dingen die ik graag anders ervaar. Maar dat komt ook goed. De achtbaan waarin Ans en ik hebben gezeten is bijna tot stilstand. Slingert nog wel wat na. Dat mag. Zeggen ze. En 'ze' kunnen het weten denk ik dan maar.  Tijdens de hele rit heb ik me vermaakt met schilderen en de muziek. Het enorme doek met de Ford Mustang. Het heeft me wekenlang genot gegeven. Wat een gave klus was dat. De opdrachtgever is er heel blij mee. Ik vind het jammer dat het doek weg is. Maar ook wel weer lekker. Er zit een hoop gedachtengoed in. Dat zou ook in de weg kunnen zitten. En een ander karretje op het doek pletten lukt vast nog wel een keer.
 En dan nu de grootste uitdaging die ik in het voorjaar ben aangegaan toen ik hoorde dat ik ziek was. Een eigen bluesfestival uit de grond stampen. Was al jaren een grote droom. Morgen is het zover. De eerste editie van Airport Blues bij het vliegveld van Hilversum.  Het lijkt allemaal te gaan lukken.  Met hulp van een aantal makkers. Maar ook met tot dan totaal onbekenden. Gaaf om die rit te lopen.
Morgen staat er een DJ en komen 2 puike bands ons festival het eerste leven in blazen. Geen subsidies. Geen sponsoren, al hebben we wel driftig gezocht. Een klein budget en niets gratis. 'If you pay peanuts you get monkeys'.  Dus kwaliteit, ongedwongen sfeer en fijne muziek. Volgens mij heb niet alleen ik daar zin in, maar ook al mijn muziekvrienden en hopelijk de hele regio. Benieuwd wie er morgen is. Want wordt dit een succes dan staat er volgend jaar een grote tent met een grote band! Ik heb er alle vertrouwen in dat het gaat lukken.

donderdag 11 augustus 2016

Nieuwe ronde.

Zei ik de vorige keer dat de kanker mijn lichaam heeft verlaten? Ja. Dat zei ik. Vanmiddag met Ans naar de uroloog geweest. Had nog wel wat vragen over fietsen, autorijden, sporten, tuinieren en geslachtsverkeer. Volgorde is niet belangrijk, maar de intensiteit wel. Dus wanneer mag ik weer vol gas? Houdt me bezig, zeker nu het herstel steeds beter gaat. Ik wil weer aan de gang! Is er toch nog opeens een domper. Die komt even aan. Snijvlak? Schoon? Dat zou wel moeten, maar is niet zo. Er zit nog wat, dus dat wordt nabehandelen. Hoe dat er uit ziet is nog niet te bepalen. Eerst dit genezen. Dan weer meten. Want dat is weten. Begin september gaan we verder. Dat gevecht gaan we aan. Vol goede moed. Ik heb genoeg afleiding en kan daar best veel in kwijt en het inspireert enorm! De fotografie lag even stil, maar er komt wel weer wat aan binnenkort. Ik heb 2 opdrachten voor grote schilderijen. Dat zijn best spektakelstukken. In mijn hoofd heb ik ze al gemaakt. Verder de muziek natuurlijk. 1 oktober het Airport Blues Festival bij vliegveld Hilversum.  Dat vergt nog wat voorbereiding! Sponsors zoeken en promotie. En natuurlijk ook de begeleiding van Blues Dog & Friends.  Die staan in de finale van de Dutch Blues Challenge. Heel spannend allemaal. En wat te denken van het 5 jarig lustrum van de Meer fun aan het water sessions.  In september maar eens een leuk feestje van maken. Als alles achter de rug is nog een Bretonse whiskyproeverij organiseren. En dan met Ans nog maar een weekje naar de zon. Daar kan je maar zin in hebben.

vrijdag 5 augustus 2016

Zwembandjes.

Je kan er op zitten. Ja, je kan er mee drijven. Je kan 'm op je hoofd zetten. Ik kies voor dat laatste. Voel me opgelucht en toch ook weer niet. Voel me als een vergiet. Ik lek lekker en dat is niet zo heel fijn. Gelukkig zie je er niets van. Of het zou die zachte bobbel moeten zijn die zich aftekent in mijn strak gesneden ondergoed. Het went snel. Te snel. Hoop er nog sneller weer vanaf te zijn.  Het is nu 10 dagen geleden dat de kanker mijn lichaam heeft verlaten. Dat is prettig, meer dan prettig. Maar wat was het daarna een gehannes zeg. Ik wens het niemand toe. Maar kan ook niet zeggen dat ik het er graag voor over had. Je gaat fit het ziekenhuis in en je komt er uit alsof je door de shredder bent getrokken. Opeens zijn hele vanzelfsprekende activiteiten onmetelijk intensieve handelingen geworden. Puffend en heigend werk ik aan mijn herstel. Veel drinken is een essentieel onderdeel en draagt bij aan een heldere sapstroom. Ik drink gelukkig graag. Maar helder werd het nooit.Vanochtend stond de verwijdering van de katheter op het programma. Ik had daar nog mijn sterke twijfels bij. En de uroloog ook. Maar uiteindelijk ben ik verlost van mijn 'buitenblaas'. Wat een opluchting.  Het doet wat met je. Ik ben er nog niet maar deze fase komen we ook door. En had ik al gezegd dat alle kaarten, berichten, telefoontjes en bezoeken mij ook tot grote steun zijn? Nou, dat zijn ze hoor!

dinsdag 26 juli 2016

Droogkloot.

Wat een nacht. Gisteren geopereerd. Dokter heeft zijn best gedaan. De kankerpit heeft mijn lichaam onder dwang verlaten. Vooraf hoop je dat alles goed komt en dat het niet te lastig wordt. Allerlei spookbeelden gaan door je gedachten.  Ik heb me er stoer over geuit. Maar ik was niet stoer. Bang voor van alles. Gisteren was een lange dag. Half 4 op de planning. En om 11 uur al opname. Nuchter. En dat ben ik nu nog. Wachten is dan niet leuk. Nu wacht ik op de zuster.  Wassen, en nog meer. Zal wel zeer doen. En die plaszak hangt ook rechts terwijl ik linksdragend ben. De morfine is uitgewerkt en ik wil nog niet kijken naar mijn onderstel. Gek. Want wat doet een man normaal als eerste? Ik stel het wel uit. Tot straks. Net wakker en natuurlijk Ans even een sms-smakkerd gegeven. Zij stond hier gisteravond laat met Nils. Ik was er nog niet helemaal bij. Weinig lol aan mij te beleven. Nu net om 6 uur de smartphone pas aangezet. De morele steun van iedereen is overweldigend. Opeens lees ik een pareltje. Sven schrijft mij de tranen in de ogen. Ans doet dat ook nog dunnetjes over. De dag begint goed. Sister morfine was een paar uur mijn gezelschap.
Ze heeft net de kamer verlaten. Ik knap langzaam op en ben overmorgen weer thuis. Voor nu even genoeg.

maandag 18 juli 2016

De reisgenoot.

Opeens weet je het. De operatie.  Eén telefoontje is genoeg om je weer even nerveus te maken. "Op 26 juli wordt u om 11 uur verwacht. Nuchter." Nu wordt van mij verwacht overal nuchter te verschijnen, maar dit is toch anders. De komende week nog veel te doen dus. Tuin, foto's van de vakantie en de claim bij de reisverzekering. De vakantie hebben we net achter de rug. Volgens planning zijn we eerst weggeweest om de geest op te ruimen. Daarna zou de chirurg met vakantie gaan en kon het maar zo september worden. Nu is het opeens nog maar een week. Maar dat is prima. We hebben een lekkere vakantie gehad en van alles en elkaar genoten.  Loslaten en nergens aan denken. Je probleem thuislaten heet dat. Uiteindelijk is die kleine klotetumor toch meegeweest naar Bretagne. Had nog ergens een plekje gevonden in mijn bagage.  En ik had nog wel zo mijn best gedaan om de klerelijer thuis te laten. Je weet natuurlijk dat je bij thuiskomst weer door hem verwelkomd gaat worden. Je houdt jezelf dus maar gewoon voor de gek. Hij was niet lastig hoor. Hield zich rustig. Stak af en toe de kop op. En dook weer weg als we een terrasje pikten, een straf wandelingetje maakten, of mosselen en oesters naar binnen lieten glijden. Hij gedroeg zich netjes. Maar je wilt toch van de zaadregelneef af. En alles is geoorloofd. Dus afschudden in Bretagne dan maar. Maar zo'n kankerpit misleiden lukt gewoon niet. Frans spreken, opgaan in de omgeving en andere eet en drinkgewoontes. Autopech en inzet van 2 verschillende vervangende vervoermiddelen, het kreng heeft me gewoon door. Is gewoon meegekomen naar huis. Dus nu moet ie er ook maar zo snel mogelijk uit. Niet kwaadschiks maar goedschiks. De uroloog weet wat hem te doen staat. Ik laat het nu maar gebeuren en hoop weer snel het mannetje te zijn. Spannend is het zeker. De vooruitzichten zijn goed en Ans en ik hebben er alle vertrouwen in.  Ik zal hem niet missen, adieu kleine reisgenoot.