dinsdag 6 april 2021

Nul is prachtig

Het hagelt, het waait flink, het is koud en ik vind het best kakweer. Het is een dag na Pasen en een week na de parlementaire soap. Ook een week na het overlijden van Bibian Mentel. Zij zat nog in Langs de Lijn en vertelde over het verzamelen van mooie herinneringen. Goede tip. Wij waren op weg naar Hargen. Uitwaaien aan het strand. Conditie weer opbouwen. Onzekerheden weg laten stuiven. Prachtige vrouw die er van de week opeens niet meer was. Daar denk je wel eens aan. Er niet meer zijn. Vandaag belde de radioloog. De waarde is nul. Hoe het ging met mij. Ja, goed. Alles werkt weer naar behoren. Gewoon weer baas over eigen blaas. Paar dingetjes worden nooit meer als vanouds. Daar leef ik al een jaar of 5 mee. Best te doen. 

Vandaag vind ik nul het mooiste getal. Toen ik 18 was ook. Voetbalde het eerste seizoen bij de senioren van VV Altius. Mooie club. Mijn talent was niet groot. Ga maar in de spits. Nee, toch maar linksbuiten. Of liever half. Het werd uiteindelijk linksback. Je kon mij de bal best aanspelen. Ik beheerste het 1 keer raken echt fantastisch. Die hete bitterbal was ik liever kwijt dan rijk. Dus doorrr die bal. Maar pret hadden we zeker met ons vermaarde vijfde. Het tweede seniorenseizoen mochten we rugnummers op onze shirts. Dat regelde je zelf. Omdat ik echt niet wist waar ik ging spelen kocht ik nummer 0. Moet daar geen 1 bij? Neen meneer, ik ben de spelverdeler niet! Het shirt met nummer 0, heb er nog jaren in gespeeld.

Nu kon de scheidsrechter mij tenminste tot de orde roepen. In het nummerloze tijdperk beging ik een overtreding en de amateur Frans Derks riep mij bij zich. Nooit meer doen. Anders ga je er af. Naam? Piet Konijn. Hij schreef het op. Na de match kwam de teamleider vragen wat ik nu weer uitgespookt had. Het werd niet gewaardeerd. Kosste me 25 gulden. Een dubbel LP. Of 2 meter bier.

Nul dus. Ik hoop er nog jaren mee te leven.

zaterdag 27 februari 2021

.... dan heb je nog niets!


Het is zaterdag, ik sta met een emmer klaar bij de voordeur. Oude handdoek er over heen. Ik kijk schichtig om mij heen. Het is rustig op straat. Het is maar 15 meter. Dat moet ongezien lukken. Net als ik de sleutel in het slot draai fiets er iemand langs. Koeie. Koeiemoan terug. Ik schiet naar binnen bij een paar van onze lieve buurtjes. De honden slaan niet aan. Er is niemand thuis. Ik ledig de emmer. De opbrengst van de afgelopen nacht.  Keurig netjes in het toilet. Laat het netjes achter en loop nonchalant zwaaiend met de emmer weer terug. Opgelucht.


Het is zaterdag! 3 dagen na de laatste bestraling. 1 dag na de uitvaart van Betty. Betty kwam met een grote glimlach in het leven van mijn broer. Nog net geen 3 jaar geleden. Betty overleed vorige week. Gisteren was de uitvaart. Het was prachtig. Echt prachtig! Molukkers en kaaskoppen bij elkaar. Het werd een lange dag. Ik kon er bij zijn dankzij 6 pilletjes. Om de snijdende blaaskrampen op te vangen. Maar wat zeur ik. Betty klaagde nooit, helemaal nooit.


Het is zaterdag. 3 dagen nadat ik de rioolontstopper heb gebeld. Probleem. Wat ik wegbreng loopt niet goed weg. De ontstopper krijgt het niet voor elkaar. Komt de bocht niet om. Roept zijn hulptroepen in. Die komen donderdag. Man met frees en camera. De krochten in. Hulptroep krijgt het ook niet los. Freest wat met de grote frees en komt al snel terug. Groot probleem. Gat in de afvoer. Onduidelijk is of zij de oorzaak zijn. Of ik. Maar dat is niet aannemelijk. Ik hou het smeuïg.  Moet wel want door de bestraling heb ik het niet makkelijk met de stoelgang.


Het is zaterdag en 2 dagen nadat meneer ontstopper is vertrokken. Dinsdag kan er iemand komen om te kijken naar een oplossing. Ik zie het probleem groter en groter worden. Opengebroken vloeren en leeglopende rekeningen.


Voel me doodongelukking met mijn eigen sores. Die behandeling eindigt als de teller op 35 staat. Maar dan is de verwonding ook maximaal. Herstellen is het motto. Maar de zwevende pot ligt achteloos op de grond. Boven mag ik alleen het natte werk doen. Om stapelen te voorkomen. Rustig blijven. Vrijdag de uitvaart, dan weekend en ondertussen een faciliteit regelen. Een dixie bij de voordeur is geen optie als je direct aan de straat woont. Goedemorgen Henk, altijd zo luidruchtig? Heb je genoeg papier? Kan het een beetje minder?  Nee, ik bel de lieve buurtjes. Geen punt jongen. Hier heb je de sleutel. Kom maar wanneer het komt.


Ik ben nu keihard geconfronteerd met de worden van mijn opa. Ik was nog een puber en droomde van mooie auto's en grote huizen. Ja, dat is allemaal wel leuk Henkie, maar als je niet piezen kan heb je nog niks.



vrijdag 12 februari 2021

Schaatsen kan altijd nog.

Zou ik de eerste zijn die zijn  schaatsen pakt? 20 jaar geleden zeker. 10 jaar geleden ook nog wel. Nu zou ik het even aankijken. Is het ijs spiegelend zwart, is het niet te druk, is er geen snijdende wind? Maar ik zou wel gaan. Liefst tegen het vallen van de avond. Camera mee,  lekker een rondje doen. En af en toe een fotomoment. Ook om even te rusten en de rug te rechten. 

Nu we in Workum wonen moet ik denken aan een gesprekje met de buurman, een week of drie geleden. Je zal meemaken dat die strenge winter nu wel komt en dat de elfstedentocht gereden kan worden. En dat die dan niet door kan gaan.

Nou. Die gaat niet door. Teleurstelling en acceptatie. Zo voel ik mij nu ook. Na 6 weken radiotherapie.  En prachtig winterweer, overal natuurijs, sneeuw en veel vrolijke mensen. Kan even niet meedoen. Gezeik weer. Na 1 week al last met pissen. Na 2 weken niet meer pissen. En nu al 4 weken in een zak pissen. Katheter dus. En daarmee kun je wel het ijs op maar schaatsen met een bevroren zak is lastig. Denk ik. Ga het niet eens proberen. Wat het ook lastig maakt is die slang vanuit  de blaas. Door je jongeheer. Extra strak met deze kou. Een goede schaatshouding zit er dan niet in. En ik ben een ijdele schaatser. Het moet er in ieder geval goed uitzien. Wat een atleet! Wat een mooie slag. Oehs en ahhs van de mensen die je soepel passeert. Eventjes maar. Om te verhullen dat ik geen lange afstandsrijder ben!

Als het er kak uitziet is het ook kak. En dat is meteen het volgende dingetje. Dat bestralen maakt meer kapot dan je lief is. Extra aandrang, plotselinge blaaskrampen opvangen. En dat dan tegelijkertijd. Nee, dat zou maar rare taferelen opleveren op de ijsbaan. Persweeën en pootje over? Gaat niet samen. Dus dit jaar voor mij geen ijspret. 

Dan zou ik kunnen gaan wandelen en struinen in de natuur. Bedacht ik mij. Ja, graag. Een bevroren waddenzee, uitzonderlijk mooie luchten, straks nog wat kruiend ijs. Geweldig. Dat kan ik nog proberen. Even een ritje naar de Zwarte Haan of Moddergat. Met Ans als mijn chauffeur. Maar het is mij nu gewoon teveel. Ik mocht van haar niet meer zelf naar Leeuwarden heen en weer rijden. Met mijn krampaanvallen. Ging ik de eerste weken vol goede moed op pad, nu is dat wel wat minder. 

De winterse sfeer waar ik in mijn vorige blog hoopvol over sprak. Die is er gekomen. Op facebook deel ik elke dag een dagfoto. Album vijfendertig heb ik die genoemd. Onderweg gemaakte snapshots. Gewoon, van iets wat mij die dag bekoort. Rijden er een stukje voor om. Vandaag een ijsbaantje in Tzum, met kinderen van de lagere school. Even langs de baan gelopen. Krijg ik weer die enorme blaaskramp. Ohh, je weet niet wat dat is. Houden zo. Alsof je eikel er af geschroefd wordt, zonder verdoving.  Doorlopen, net doen of er niks aan de hand is.  Foto snel gemaakt, de auto in en naar huis. Voor een echte koffie. En een uurtje rust.

Nog anderhalve week, dan heeft de bestraling haar werk gedaan en is dat ene plekje weggewerkt. Daar is het allemaal om te doen.  Dan nog 3 weken herstellen. Het voorjaar in. 

Schaatsen kan altijd nog.



woensdag 6 januari 2021

35 x uitlijnen

Drie tatoeages. Drie hele kleine puntjes. Op het kruisingsvlak uit te lijnen. Vlak boven mijn kruis. Ik lig uitgelijnd op een harde plank. Om mij heen Starwars-apparaten, laserbeams en glimmende buizen spiegels en een prachtige foto. Op het plafond. Paalhoofden in een woelig blauwe zee. 5 minuten stilliggen, omhoogkijken en arm opsteken als er iets te vragen valt. Alie en Henriette zitten achter het lood. Ik ben door Alie uitgelijnd en Henriette doseert. Doseert de straling, rontgen, x-rays. Gevaarlijk en onzichtbaar. Net het virus. Ik lig met mijn paarse HNK/R ART  mondkapje op. Reclame te maken. Voor wie eigenlijk? Ik voel niets. Alleen wat gedachten spoken rond. Nóg 35 keer. Langzaam gaan ze dat hele kleine plekje slopen, murw beuken. Eén plekje maar. Maar wel een rotplek. Ik blijf volharden in openheid. Kan het niet anders. Zal dan  toch de schade ontstaan die tot nu toe redelijk is uitgebleven? Dat de wondplek stugger wordt, pissen lastiger, en dilateren plaats moet maken voor een katheter. Dat wil ik niet.  Dat een volle erectie steeds minder kansrijk is. Dat wil ik ook niet. Maar je kan wel zoveel niet willen. Of zoveel wel willen. Of in elke geval wensen. Dat schiet allemaal door je hoofd. Elke dag een ritje. Elke dag een stukje mishandeling. Goede cellen herstellen snel. Kankercellen herstellen langzaam. Vandaar 35 korte dreunen. Gaat die kanker niet volhouden! Gaat het steeds lastiger worden?Schrijnen, verslappen, vermoeien? Het kán, het hoeft niet. 

Het gaat natuurlijk gewoon béter worden. Dáár ga ik van uit. Kan ik ook zelf iets aan doen. Fitblijven. Wandelen, fietsen, de tuin in, afleiding genoeg. Periodiek, elke dag of wekelijks, de viriliteit testen spreekt me 9ok wel aan. Verleiding genoeg. Elke dag lijkt mij trouwens het beste. Even overleggen met Ans. Het moet wel leuk blijven. 

35 ritten, heen en weer. Geen files, geen stress.  De camera mee en op de terugweg stukjes Friesland ontdekken. Winterse taferelen, daar hoop ik op. En dan snel het voorjaar in. De deur van het atelier weer open.

donderdag 24 december 2020

Soort Kerstverhaal

Twintig of 36 keer? Volgende week weet ik het. Dan spreek ik de radioloog. Op de operatieplek zit nog wat van mijn oude vriendje. Zoals dat met oude vrienden gaat. Je hoort een tijd niets en opeens zijn ze er weer. Alsof er niets is veranderd. Vierenhalf jaar en een heel klein vlekje later. Ik kom deze winter wel door dus. Zo kun je een jaar ook afsluiten en weer een nieuw jaar beginnen. Vol goede moed.

Moet opeens denken aan 2003 toen ik tussen Kerst en Oudjaarsdag op de afdeling Gynaecologie van het Tergooi Ziekenhuis kwam te liggen. Gynaecologie? Ja. Daar was nog wel een nachtzuster aan het werk. Een soort afgeschaalde zorg. Tussen een paar echt oude dames met galblaasklachen, uitgebakken niertjes of weggezakte kweekvijvers. Die lagen tegenover mij. De dame naast mij kreeg aan haar bed te horen dat het uitzichtloos was. Alleen het gordijn was dicht en de internist was niet zo goed in fluisteren. Ja, ik lag daar echt op mijn plek.

De uroloog had mij van een pinkdik probleem afgeholpen. Een stolsel, Hematurie was zijn naam, wilde mijn lichaam niet verlaten.  Pijnlijk? Ja, meer dan zelfs. Op de eerste hulp kreeg Ans het verzoek om naar het eind van de gang te gaan. Dan kon hij zich even op mij uitleven en hoefde ze niets te horen. Lekker geruststellend. Hij is de uroloog dacht ik nog, een kundige maar lompe Groninger. Het was even duwen, maar ik voelde mij bevrijd.  Mocht meteen 4 dagen naar de vrouwenvleugel. Geen jong ding te bekennen zoals ik al zei. Mijn maagdelijke ervaring met een katheter moet het zijn geweest. Elke ochtend wakker worden met 3 aardige dames om je heen. Nadruk op aardig hoor, misschien ook wel lieve dames, maar zeker niet sensueel en allerminst opwindend. Toch heb ik elke ochtend last van een opstandig lid. Door de wrijving van die nare slang, een spannende droom? Vermoedelijk. Iets anders kan het niet zijn. Wel een bemoedigend teken van echte mannelijke viriliteit. Erg lekker aanvoelen doet het helaas niet. Hopelijk zien de grootmoedertjes er niets van. Goedemorgen Henk, lekker geslapen jongen? Nee, maar zeggen waardoor het komt? Ik laat ze er niet eens naar raden. Ik voel me hier niet op mijn gemak. Wil weg.

Rond 10 uur komt de melkboer binnen. De melkboer, ergens kende ik hem nog. Een broer van een tante. Ouderling in de kerk. Ik weet nog dat hij binnen kwam vallen bij tante Jannie. Ik logeerde daar bij een vriendje. Het was de avond dat ABBA het songfestival won. Hij stond er bij te kijken, bleef verlekkerd staan. Had thuis geen TV he. Heidens. Toen ze uitgezongen waren sprak hij de legendarische woorden 'het zijn hoeren, allemaal hoeren'. Die melkboer kwam de zaal op. Zalver.

Of er nog wat te bidden was? Ja, dat was er wel. Mevrouw Galblaas en Mevrouw Levertraan lieten zich gewillig meevoeren in gebed en het afsluitende zingen van een psalm. Ik deed er eerbiedig het zwijgen toe. Wilde die kweel niet aan mijn bed. Wat ga ik hier nog meer meemaken. Wil weg hier.

Precies weet ik het niet meer. De katheter gaf mij zicht op het helderder worden van mijn afvalstoffen. Kun je er doorheen kijken? Dan mag je naar huis. Ik kijk overal doorheen, dus ik ontsloeg mijzelf al uit het ziekenhuis. De Groninger dacht daar anders over. Niet eerder naar huis dan dat alles helder is. Oké, dan wil ik niet eerder weg totdat jij zegt waar ik dit aan heb te danken. Scans en scopies, geen uitslag. Niersteentje misschien of toch een gevolg van een blaasonderzoek. Maar verklaarbaar? Nee. Toch weer een ochtend met een krap zittende slang en Goedemorgen Henk, lekker geslapen? Ik druk de boel in positie tot het weer acceptabel aanvoelt.

De vrouwenafdeling begint te wennen. Eigenlijk wel zo leuk. Zo denkt een oude man er ook over. Volledig de weg kwijt schuifelt er een baas in badjas de kamer op. Rond zijn sloffen hangt een spoortje stofnesten. Schuifelt dus al een tijdje zo rond. In de gang hoor ik verderop een verpleegster roepen. Meneer Blaas, dat is de vrouwenafdeling! U moet een kamer verder zijn. Een flauwe glimlach verschijnt op zijn grauwe ingevallen gelaat. Ook bij mij. Hij heeft óók een katheter. Loshangend uit zijn oudeheer sleept hij zijn plaszak over de stoffige vloer. Half metertje achter hem aan. Hij trapt er nog net niet op. Hier zou je voor moeten bidden bedenk ik mij. Zo wil ik niet worden. Ik wil hier weg.

De volgende ochtend kan ik naar huis, lekker Oud en Nieuw vieren. Hoe het al die mensen is vergaan? Geen idee. Het leven is zo vluchtig. Nu ook, je ontmoet nieuwe mensen, oude bekenden, familie. Het is maar even. Lieve mensen om ons heen zijn weer weggevallen, zomaar, opeens, doodziek of door COVID. Zorg dat het leuk is. Zorg dat het fijn is. Blijf! Blijf gezond. 

Fijne Kerst.



dinsdag 27 oktober 2020

Wachten.

 Zometeen een PSMA Petscan. voorbereidingstijd ruim 3 uur. Lekker lang in de wachtruimte tussen de mondkapjes. Ik realiseer mij dat ik nooit meer iets heb verteld sinds de twijfel over de nabehandeling. Vorig najaar sloeg de twijfel toe. Nabehandelen of niet. Het werd 'niet'. Goede huisarts , goed gesprek en een goede keus. Voorlopig niets doen. En zeker niets kapot maken. Andere uroloog in MCL. Helder communicerende kerel. Nu is die PSA waarde gegroeid naar 0,2 en kan er gemeten worden. Dat is het verhaal. 

En dat gebeurt vandaag. Drieenhalf uur wachten. Tijd genoeg om wat te schrijven. En om te wachten. Op de radioactieve contrastvloeistof die zich gaat hechten aan de prostaatcellen. Net ingespoten. Ergens in mijn logge lijf zit nog wat. Als die rakkers zijn opgespoord zullen ze bestreden worden. Hoe dat verder gaat hoor ik volgende week. Best weer spannend.

En ik ben 4 jaar verder sinds de operatie, al een heel klein beetje Fries en laatbloeikunstenaar. Ons kunsthuis in Workum bevalt geweldig. Ik kan er lekker mijzelf zijn, gekke dingen maken en interessante mensen ontvangen. Het blijft idioot om te ervaren dat mensen mijn schilderwerk zo waarderen. Ik weet heus wel dat ik het daar voor doe, maar dat het dan zo bevalt dat ze het mee willen nemen? Ik kan er niet aan wennen. Maar wordt er wel uitgelaten en vrolijk van. Zo is er al werk verhuisd naar Frankrijk, Luxemburg, Duitsland en zelfs een Rus moest en zou iets hebben.  

Die schilderijen zijn nu allemaal verzameld in een overzichtsboek. Een boek vol plaatjes en kleine verhaaltjes met achtergrondinformatie en anekdotes. Bijna 100 pagina's met ruim 80 schilderijen op mooi fotopapier. Luchtig en vrolijk.  In een oplage van 25 stuks. Niet de bundel met verhalen die ik voor ogen heb. Die komt er ook wel. Maar dit wilde ik eerst. Een overzicht van 5 jaar HNK/R ART.

Ondertussen lig ik nog te nippen aan een halve liter johannesbroodpitmeeldrank. Om de misselijkheid te beperken. Nog anderhalf uur tijd doden. En dan scannen. 

Hoe of wat het ook wordt, we gaan door. Er is nog een non die klaargemaakt moet worden. Klinkt seksistisch en is het niet. Gaat gewoon om een beeld dat als trekpleister voor het atelier komt te staan. Dan is er nog het beeld dat op de rotonde moet verrijzen. En er gaat weer geschilderd worden deze winter. Die zal lang worden.




vrijdag 15 november 2019

Helemaal naakt?

De broer van Ans krijgt een infarct in de kleine hersenen. Het gaat goed met hem. Hij kan naar huis, op de ochtend na het overlijden van mijn lieve schoonzus. Die kreeg drie dagen daarvoor een zware bloeding in de hersenstam. Diep triest allemaal. Ongelooflijk zelfs. Mijn moeder gaat wonderwel gewoon door. Ik zelf ben nog druk bezig met de heren urologen, een radiotherapeut, de huisarts en mijzelf. Zo kan ik de maand na mijn vorige blog wel het beste samenvatten.

Gisteren keken we samen naar het TV-programma waar we onze medewerking aan hebben verleend. For one night only, he-le-maal naakt! De vele reacties doen ons goed. Vaak van mensen waar je het niet van verwacht. Van vele anderen hoor je niets. Ieder gaat door met zijn of haar eigen leven. Zo moet het ook. Doorgaan, maar steek je kop niet in het zand. Prostaatkanker, ik kan er over meepraten en weet niet hoe het verder gaat verlopen. Ben je opeens het zieke wild dat door de kudde wordt achtergelaten? Of doe je of er niets aan de hand is. Lach je alles weg, vlucht je in onnozelheid en stupide discussies, laat je je verlammen door de social media? Meer wil ik er niet over zeggen. Of toch. Mensen maken zich druk over het feit dat er geen piemel te zien was. Hou op. Ze waren helemaal naakt, ze vroegen op een leuke en soms hilarische manier om aandacht voor een goede zaak. Ja, zelf zou ik het ook zeggen. Laat zien die hap! Maar het hoeft niet. Slappe hap. Voegt niets toe. Verbeelding is goed genoeg en laat het daar bij.

Is mijn openheid storend voor vrienden en bekenden. Te confronterend. Of het gezeik zat? Misschien wel. Ik zeg dat het me niet boeit. Maar dat doet het natuurlijk wel. Ans en ik worstelen ons er door heen. De navelstreng met het Gooi is nog lang niet doorgesneden. Dat gaat ook niet gebeuren. Hoeveel vrienden zijn hier al op bezoek geweest. En hoeveel komen er nog? Soms staan ze opeens voor je neus. Net als de mensen hier. Goede nieuwe buren en verre vaste vrienden. Gewoon van alles wat. Geweldig, nieuwe Friese moederkoek. Filmtheater, kunstroute, poppodium, fitnessclub en volleybal. Fotoverslagen. Kopen bij de lokale middenstand, sneupen in de regio. Allemaal bindmiddel voor de sociale hechting.

Vandaag doen we mee aan de jaarlijkse Winterfair. De palingvisser uit Heeg komt met zijn rookoven, de biologische winkel aan de overkant heeft lekkere dingen en de hovenier naast ons heeft mooi spul, de smederij 20 meter verderop is open. Aansluitend nog veel meer moois. Workum bruist echt op dit soort dagen. Ik bruis graag mee.

Vanmiddag richten we ook het Workum's Whisky Genootschap op. Om 5 uur. Lokale wintertijd. De houtkachel gaat aan, de vers gevangen paling wordt gerookt en het atelier is open. Ik kijk uit naar alle leuke ontmoetingen, spontane gesprekken en gekke ervaringen. Zo was het hier het hele vaarseizoen. Volstrekt onbekenden. Met openhartige verhalen, oprechte belangstelling voor wat wij hier doen, hoe wij hier terecht gekomen zijn, waarom ik het doe zoals ik het gewoon doe. Je verbaast je er over. Hoeveel lotgenoten er zijn en wat een indringende en mooie verhalen er zijn. Niemand loopt er mee te koop.  Ik hoef maar iets te vertellen over mezelf. Of wat ik laat zien met een bepaald schilderij. Dan gaan de sluizen soms opeens open. Vluchtig ja. En ook heel persoonlijk. Kennelijk een goede formule. Beetje Hello Goodbey en Taxi. Steeds wil ik mijn observaties als een soort Simon Carmiggelt opschrijven. Luchtig en leuk. Het lukt me nog niet.

Ik heb me laten vertellen dat hier binnenkort de winterslaap begint. De brugwachters zitten weer thuis tot 1 april. De sluizen blijven dicht. De toerist is weg. We zijn op elkaar aangewezen. De perfecte tijd om wat workshops te geven, een paar fotowandelingen te organiseren en te schilderen.  En het schrijven op te pakken!